Regering wil asielopvang in grote steden, maar krijgt veel kritiek

Premier Mark Rutte en vicepremier Lodewijk Asscher presenteerden op woensdagavond het bereikte akkoord over de opvang van vluchtelingen.

In Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Den Haag, Eindhoven en Ter Apel zullen uitgeprocedeerde asielzoekers tijdelijk opgevangen worden. Na “een beperkt aantal weken” heeft iemand geen recht meer op opvang. Wil diegene terugkeren naar het land van herkomst, dan wordt hij of zij daarbij geholpen.

Wie Nederland niet wil verlaten, belandt na enkele weken weer op straat. Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Klaas Dijkhoff benadrukte wel dat gezinnen met kinderen nooit op straat zullen worden gezet.

In ongeveer vijftig gemeenten worden vluchtelingen nu al opgevangen. Gemeenten mogen hiermee doorgaan totdat de bestuursrechter anders besluit. Als de bestuursrechter besluit dat gemeenten niet verplicht zijn vluchtelingenopvang aan te bieden, zullen deze hun opvang moeten sluiten. Doet een gemeente dit niet, dan kan bijvoorbeeld het integratiebudget van deze gemeente gekort worden door het Rijk.

“Zwaarbevochten compromis”

Asscher noemde het akkoord een “zwaarbevochten compromis“. Ruim een week duurde het overleg, omdat de regeringspartijen sterk uiteenlopende meningen hebben over het onderwerp.

De PvdA wil dat er voorzieningen komen voor mensen zonder papieren. De VVD is er echter bang voor dat mensen Nederland niet meer willen verlaten als ze eenmaal voedsel, onderdak en kleding krijgen.

Kritiek op het akkoord

Oppositieleiders zijn niet te spreken over het akkoord. Over het algemeen wordt het de regering verweten dat ze op deze manier slechts het probleem verplaatst en dat het akkoord dat bereikt is nog steeds in gaat tegen de uitspraak van het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR).

Afgelopen november oordeelde dit Comité al dat Nederland uitgeprocedeerde asielzoekers op moet vangen en dat Nederland met zijn beleid het Europees Sociaal Handvest schond.

Ook VN-rapporteur Philip Alston heeft grote kritiek geuit op de uitkomst van het overleg tussen de regeringspartijen. Volgens hem overtreedt Nederland met dit nieuwe plan nog steeds de internationale regelgeving en zal het besluit het imago van Nederland schaden in het buitenland.

Alston noemt het “schandelijk dat Nederland zo inhumaan te werk gaat”. Hij verwacht dat er kritiek van grote internationale organisaties zal volgen en roept gemeenten op om te protesteren tegen het akkoord.