Datagraver: veesector gebruikt nog steeds veel antibiotica

De Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit (SDa) nam het afgelopen jaar het antibioticagebruik in de veesector onder de loep. De stichting presenteerde deze week de resultaten van dat onderzoek. 

Vorig jaar sprak staatssecretaris Sharon Dijksma met de veesector af dat het antibioticagebruik in 2015 70 procent minder zou zijn dan in 2009. Vooralsnog lijkt het erop dat die afspraak niet nagekomen gaat worden. Het antibioticagebruik ligt vooralsnog ‘slechts’ 58 procent lager dan in 2009.

En dat zegt dan weer vooral veel over de immense hoeveelheden antibiotica die van 2005 tot 2010 gebruikt werden in de veesector. Datagraver Stephan Okhuijsen laat je deze week het antibioticagebruik in de veesector van de afgelopen vijftien jaar zien.

antibiotica2

Waarom het zo belangrijk is dat boeren hun vee zo min mogelijk antibiotica geven? Antibiotica doden of remmen bacteriën in hun groei, maar bacteriën kunnen resistent worden. Mensen die vlees eten dat besmet is met resistente bacteriën of besmet raken door contact met dieren of mensen worden ziek en kunnen maar moeilijk behandeld worden.

Een daling in 2014 van 4 procent ten opzichte van het jaar ervoor is dan ook niet genoeg. Het antibioticagebruik bij pluimvee nam zelfs met 21 procent toe. Reden hiervoor is dat kippen tegenwoordig pas antibiotica toegediend krijgen wanneer ze ziek zijn, terwijl kuikentjes voorheen preventief antibiotica toegediend kregen. Zieke kippen zijn echter een stuk groter dan kuikens en dus is er meer antibiotica nodig om de kip te laten herstellen.

Wat verder opvalt aan het rapport is dat het verschil tussen boeren onderling groot is. Zo is het antibioticagebruik bij 13 procent van de vleeskuikenboerderijen veel te hoog, maar zijn er ook boeren die af kunnen zonder antibiotica.

SDa wil daarom dit jaar onderzoeken hoe het antibioticagebruik overal tot een minimum beperkt kan worden.